In de praktijk zien we dat steeds meer rechters de menselijke maat nu al toepassen. Zij baseren hun uitspraak op het evenredigheidsbeginsel: is het besluit geschikt en noodzakelijk om het beoogde doel te bereiken of kan het ook met bijvoorbeeld een minder ingrijpend alternatief?

Met het wetsvoorstel ‘Participatiewet in balans’ wordt het verlangen naar ruimte voor de menselijke maat uitgesproken, om zo in te kunnen spelen op individuele situaties en hiervoor maatwerk te leveren. “Dat betekent niet dat je in iedere situatie maatwerk levert”, vertelt Ray Geerling, adviseur, manager, trainer Sociaal Domein en woordvoerder vanuit Kenniscentrum Sociaal Domein. “We moeten ons als participatieprofessionals afvragen waarom die wet er is, wat willen we ermee bereiken? Dan is het niet verkeerd om oog te hebben voor individualiteit en de vrijheid te hebben om maatwerk te leveren zodat dat doel bereikt wordt.”

De wetswijziging staat voor 1 januari 2025 op de agenda, maar dat betekent niet dat participatieprofessionals daarop wachten. “De uitvoerders anticiperen nu al op een groot aantal onderdelen”, aldus Geerling. “Je ziet dat gemeenten het beleid op een aantal punten al wijzigen en dat rechters het evenredigheidsbeginsel steeds meer toepassen.”

‘Meedenken met de inwoner’

Pinar Mermer is Juridisch Adviseur Sociaal Domein bij EIFFEL en ondersteunt opdrachtgevers bij projecten op het gebied van juridisch (beleids)advies en bezwaar & beroep. Zij ziet van dichtbij dat rechters steeds soepeler omgaan met de bijstandsregels, ten gunste van de bijstandsgerechtigde, en dat ambtenaren gestuurd worden om dat ook te doen. “We moeten steeds vaker per individueel geval kijken wat een goede oplossing is”, vertelt Mermer, die daarin vaak kiest voor maatwerk. “Ik hoor van collega’s dat ze zaken verliezen waar de kaders heel duidelijk zijn, maar hoe ernstiger het nadeel voor een inwoner, hoe meer van je gevergd wordt om met deze persoon mee te denken en een passende oplossing voor het probleem te vinden.”

Rechters zijn steeds meer bezig met het toepassen van de menselijke maat. Op het moment dat de belangen die door het besluit worden geraakt zwaarder wegen, de nadelige gevolgen ernstiger zijn of het besluit grote inbreuk maakt op fundamentele rechten, is de toetsing intensiever. Op het moment dat een van deze factoren een rol speelt, kan maatwerk een uitkomst bieden.

‘Maatwerk voor meer vertrouwen’

Dat participatieprofessionals de mogelijkheid krijgen om maatwerk te leveren is volgens Geerling niet alleen goed om het beoogde doel te bereiken, maar ook positief voor het vertrouwen vanuit de burger. “Er is een gebrek aan vertrouwen tussen de inwoner en de publieke overheid, dat willen we herstellen”, vertelt hij. “Hoe doe je dat? Onder meer door als overheid meer oog te hebben voor de problematiek van de burger en door maatwerk te leveren voor de inwoners.”

Nieuwe werkwijze voor de inkomensconsulent

Mermer merkt dat zij een van de weinige professionals is die al veel bezig is met het leveren van maatwerk. Als bezwaar- en beroepsmedewerker kijkt ze pas naar een zaak als de inwoner in bezwaar is gegaan tegen het besluit. De inkomensconsulent beoordeelt als eerste over het recht op bijstand, volgens Mermer zou het helpen als zij ook rekening houden met individuele situaties: “Zij moeten ook mee gaan denken met wat haalbaar is voor een inwoner.”

Onderzoek de omstandigheden
“Als bezwaar- en beroepsmedewerker moet je afstand nemen van het besluit van de inkomensconsulent en zelf naar de situatie kijken”, raadt ze collega’s aan. Hoewel ze begrijpt dat niet iedere zaak maatwerk vereist en dat het niet altijd wenselijk is, hoopt ze dat participatieprofessionals vaker onderzoek doen naar de omstandigheden van een inwoner en hun besluiten daarop baseren.

Meer werk voor participatieprofessionals
Dat onderzoek doen meer werk oplevert, beaamt Mermer. Als voorbeeld noemt ze een situatie waarbij 150.000 euro (ongeveer tien jaar aan bijstand) teruggevorderd wordt omdat iemand in de bijstand ook inkomsten heeft vanuit werk. “Deze bedragen kloppen niet met de realiteit, maar dienen als fictief voorbeeld: stel je hebt recht op 1500 euro bijstand en je verdient zelf driehonderd euro. Dan krijg je aanvullend 1200 euro uitgekeerd”, legt Mermer uit. “Maar als je niet kunt aantonen wat je hebt verdiend, dan vorderen we het héle bedrag terug.”

Voor zo’n inwoner stelt Mermer vervolgens een fictief loon op. “Als je weet hoeveel je hebt gewerkt, dan zoek ik vervolgens uit wat iemand in dezelfde functie verdient en bereken ik de inkomsten.” Dat betekent dat je geen 150.000 euro terug hoeft te betalen, maar bijvoorbeeld drieduizend euro. “Dat is reëler en accepteren inwoners vaak ook, omdat je het op basis van hun situatie hebt besloten”, vertelt Mermer. “Dus het is wel meer werk, zo’n onderzoek, maar je helpt inwoners echt verder.”

Automatiseren
Ook Geerling begrijpt dat de menselijke maat betekent dat de workload en intensiteit van het werk toe gaan nemen. “Dat heeft alles te maken met de steeds complexere en meer diverse problematiek van inwoners die een beroep doen op het Sociaal Domein”, legt hij uit. Geerling hoopt dat het werk van de participatieprofessional in de toekomst beter ingericht is. “Als we de bulk van het werk automatiseren, dan komt er meer tijd vrij voor de problematiek die we via individualisering moeten oplossen.”

Maatwerk is niet altijd de oplossing
Hoewel het veel voordelen oplevert, is individualiseren niet altijd de oplossing. Mermer benadrukt het risico van ongelijkheid door te stellen: "Er zijn geen concrete regels en iedere ambtenaar is anders." Hierbij waarschuwt ze voor de mogelijkheid dat te veel nadruk op maatwerk kan leiden tot willekeurige besluitvorming.

Geerling voegt hieraan toe dat, hoewel de nieuwe wet meer ruimte biedt voor maatwerk, er ook een zorgvuldige balans moet worden gehandhaafd. "Je kunt maatwerk ook té ver doorvoeren, waardoor het wettelijk kader wordt ondergegraven en er sprake is van willekeur," merkt hij op. Het vinden van deze balans is cruciaal om te voorkomen dat de rechtsgrondslag van de wet wordt aangetast en om ervoor te zorgen dat besluitvorming zowel rechtvaardig als consistent blijft.

Eerste stap
Geerling pleit voor het regelmatig toetsen van de manier waarop de publieke overheid omgaat met haar inwoners en het vertalen van die behoeften naar besluitvorming. Geerling: “De charme van het Sociaal Domein is dat je de veranderende wereld toepast in het vak dat je uitoefent.” Hij ziet de wetswijziging Participatiewet in balans als een eerste stap om te voldoen aan de veranderende behoeften vanuit de maatschappij.