Functionele cookies

Wij plaatsen functionele cookies om deze website naar behoren te laten functioneren en analytische cookies waarmee wij het gebruik van de website kunnen meten. Deze cookies gebruiken geen persoonsgegevens.

Gepersonaliseerde informatie

Hiermee ontvangt u gepersonaliseerde informatie op onze website die wordt afgestemd op uw internetgedrag.

‘Ik zou effectiviteit van beleid niet willen gelijkstellen met het aantal uren thuiszorg dat uiteindelijk geleverd wordt.’ Op deze manier reageerde minister Plasterk op de inbreng van SP-kamerlid Futselaar in een debat met de Tweede Kamer over de stand van zaken in het sociaal domein. Futselaar stelde dat er een verband is tussen het stellen van doelen en het beschikken over juiste cijfers. Waarbij hij het voornemen van de minister om ‘op zoek te gaan naar een vorm van outcome monitoring’ nog wel erg globaal vond.

Van rompslomp naar cruciale data

In de beginfase van de decentralisaties was het voor veel gemeenten de eerste prioriteit om ‘de winkel open te krijgen’ op 1 januari 2015 en om continuïteit van zorg te organiseren. Zaken als de administratieve organisatie en de vastlegging in systemen, werden in dat perspectief even een relatieve bijzaak met het bijbehorende gevoel van ‘rompslomp’. Al gauw werd echter duidelijk dat bijvoorbeeld voor de inkoopprocessen en de verantwoording, de vastlegging van data ook breder nut heeft.

Inmiddels zie ik dat steeds meer gemeenten zo ver zijn om in het sociaal domein ook beleidsmatig en meerjarig verdere (transformatie)stappen te zetten en fundamentele keuzes te maken. In de gesprekken die ik daarover overal in het land heb met bestuurders en ambtenaren, kom ik met name drie aspecten van de relevantie van data tegen.

Datakwaliteit moet beter

Als eerste zie ik dat er vaak nog stappen te zetten zijn in het juist en compleet vastleggen (en uitwisselen) van gegevens rondom verstrekkingen en verplichtingen en deze integraal inzichtelijk maken in het interne proces. De stand van zaken van het berichtenverkeer blijkt hierin een nuttige indicator te zijn. Een en ander wordt in praktijk beïnvloed door bijvoorbeeld het systeemlandschap en de data-huishouding binnen een gemeente.

Voorspellende waarde van data

Ten tweede merk ik dat gemeenten behoefte hebben aan inzicht in hun inwonerslandschap en de ontwikkeling daarvan. Inzicht in wie de gebruikers van voorzieningen in het sociaal domein zijn of vermoedelijk worden, wat hen kenmerkt en wat hen beweegt. Maar ook inzicht in welke zorgrisico’s er te relateren zijn aan bepaalde typen huishoudens en daaraan gekoppeld de vraag welk huishouden de gemeente nog niet kent maar wel zou moeten wíllen kennen. Belangrijk hierbij is voor gemeenten ook de mogelijkheid om vooruit te kijken: om ontwikkelingen onder de inwoners te kunnen voorspellen en dus een beeld te krijgen van de toekomstige zorgvraag.

Benieuwd hoe data uw gemeente verder helpt? Ontdek het zelf.

Maak gebruik van de proefperiode     >

Monitoring maatschappelijke effecten

Het laatste aspect dat ik in de gesprekken steeds meer tegenkom, is de behoefte aan het mogelijk maken van de monitoring op de maatschappelijke doelstellingen van de gemeente. De bedoeling van de transformatie lag uiteindelijk in het realiseren van maatschappelijke effecten. Het volgen van aantallen verstrekkingen, uitgegeven euro’s en aantallen keukentafelgesprekken geeft echter nog geen beeld of die maatschappelijke effecten ook gehaald worden. In die zin geef ik minister Plasterk gelijk toen hij zei dat ‘outcome monitoring’ een heel ander verhaal is.

In de trajecten waarin we gemeenten ondersteunen op dit punt, zie ik dat monitoring op outcome allereerst vaak vraagt om opnieuw naar de (beleids)doelstellingen te kijken. Bij een maatschappelijke doelstelling als ‘Meer inwoners hebben een gezonde levensstijl’ kun je namelijk bijvoorbeeld de definitievraag stellen ‘wat is ‘gezond’?’ en kun je de meetbaarheidsvraag stellen ‘dus als er één inwoner gezonder gaat leven, dan is de doelstelling behaald?’. Waar het in dit proces in mijn ogen in essentie om gaat, is het binnen de data zoeken naar specifieke criteria die direct te relateren zijn aan het beoogde maatschappelijk effect en waarvan de structurele monitoring dus uiteindelijk daadwerkelijk een beeld gaat geven van het (al dan niet) behalen van dat effect.

Scherpe doelstellingen vragen om goede data

Maatschappelijke doelstellingen moeten SMART zijn, willen ze meetbaar zijn en wil je op de voortgang van de realisatie ervan kunnen monitoren. Om de juiste doelstellingen te kiezen, is feitelijk inzicht en compleet overzicht nodig op de actualiteit van en de potentiële risico’s binnen het sociaal domein van de gemeente. Ik wil daarom best stellen dat voor het behalen van de gewenste maatschappelijke effecten, de data-huishouding en data-inzichten voor gemeenten van cruciaal belang zijn.

Gerelateerde artikelen
Alle artikelen