Functionele cookies

Wij plaatsen functionele cookies om deze website naar behoren te laten functioneren en analytische cookies waarmee wij het gebruik van de website kunnen meten. Deze cookies gebruiken geen persoonsgegevens.

Gepersonaliseerde informatie

Hiermee ontvangt u gepersonaliseerde informatie op onze website die wordt afgestemd op uw internetgedrag.

Op woensdag 28 juni was EIFFEL aanwezig op het symposium ‘De zorgcontroller aan zet’ van het Zijlstra Centrum aan de VU in Amsterdam. Centraal stonden de activiteiten van de zorgcontroller en hoe deze activiteiten te vergelijken zijn met andere sectoren. Dr. Tjerk Budding, opleidingsdirecteur van de Postgraduate opleiding tot Certified Public Controller, presenteerde de resultaten van zijn onderzoek naar de veranderende rol van de financiële functie c.q. controllersfunctie bij zorginstellingen. Dit onderzoek was vooral gericht op de werkzaamheden waar controllers zich in de profit-, non-profit- en specifiek de zorgwereld vooral mee bezighouden, wat ze belangrijk vinden en hoe goed zij dit doen volgens henzelf.

20 Prioriteiten

Enigszins voorspelbaar was dat alle controllers, ongeacht de branche waarin ze zich bevinden, zich nog steeds vooral bezighouden met financiële en managementrapportages en verantwoording afleggen. Opvallend was dat de controllers in de zorg als enige ook veel lijken te adviseren over de strategie van de organisatie. Ook risicomanagement scoorde relatief hoog. Maar nog opmerkelijker: controllers in de zorg hebben een lijst van maar liefst 20 activiteiten die zij zelf, op een schaal van 1 tot 5, boven de 4 scoren qua belangrijkheid. In de non-profit overall zijn dit slechts 2 activiteiten: adviseren over en presenteren van financiële rapportages en adviseren over het opstellen van budgetten. Met andere woorden, controllers in de zorg hebben héél veel op hun bordje. Zij houden zich bijvoorbeeld meer bezig met kostprijsberekeningen en het analyseren van verschillende financieringsstromen dan veel collega’s uit de non-profit secor.

Tjerk Budding ging vervolgens in op de vraag hoe goed de controllers zelf vinden dat ze zijn in al deze activiteiten, afgezet tegen hoe belangrijk ze het vinden. De grootste discrepantie (wel belangrijk, niet zo goed in) zit bij het administreren van en rapporteren over prestatiemaatstaven, het opstellen van budgetten en het maken van budgetrapportages, het adviseren over de strategie en het adviseren over en bieden van beslissingsondersteuning ten aanzien van cost accounting items.  

Samen met de klant prioriteren

Binnen EIFFEL herkennen wij de uitkomsten van dit onderzoek, vanuit onze eigen ervaringen binnen de zorg. Grote veranderingen in wet- en regelgeving en het stelsel van financiering, de druk van toezichthouders en controlafdelingen die gewend zijn zich dienend op te stellen, verklaren voor een belangrijk deel de hoge werkdruk. Het maken van duidelijke keuzes in samenspraak met de interne klant biedt in dat geval uitkomst. Zelfs de beste controller kan niet alles en al helemaal niet alles tegelijk. Het schaap met 5 poten bestaat niet, maar het team met 5 poten wel! Dus naast het maken van de juiste keuzes en de basis op orde brengen, komt het aan op de samenstelling van het team: de juiste man/vrouw op de juiste plek. Kortom, met de juiste, integrale aanpak van de harde én de zachte kant komt ook de zorgcontroller weer in control.

Over de auteur

"Met mijn proactieve werkhouding en transparante denkwijze weten mijn collega's in een vroeg stadium waar ik heen wil. Op deze manier komt niemand voor verrassingen te staan."

Neem contact op Ron Huis in 't Veld Finance consultant
06 4931 80 50
Gerelateerde artikelen
Alle artikelen