Eind vorige week heeft de minister van Onderwijs een interessant brief ontvangen van een groot aantal wethouders (voor de insiders: van de G4- en de G32 - gemeenten). De NOS noemt deze brief zelfs een brandbrief. Deze brief sluit qua inhoud aan op het advies van de Onderwijsraad over Passend Onderwijs.
Waar gaat het om? Het kabinet wil de verantwoordelijkheid voor de zorg voor jeugd bij de gemeenten leggen. Daar is niets mis mee. Het kabinet wil de uitvoering van het passend onderwijs neerleggen bij nieuw te vormen regionale Samenwerkingsverbanden. In die Samenwerkings-verbanden moeten het speciaal onderwijs en het reguliere onderwijs zorg dragen voor een sluitend systeem van onderwijszorg. Dat belooft een forse verbetering te worden ten opzichte van de huidige situatie. De gemeenten hebben daarin echter geen stem. Waarom is die brief belangrijk?
// Niet de plannen, maar afgestemd onderwijs en zorg voor kinderen //
In de praktijk is bekend dat veel kinderen die in het speciaal onderwijs volgen (en misschien straks regulier onderwijs met extra onderwijszorg), ook een vorm van jeugdzorg, LVG-zorg of psychiatrische zorg krijgen. De afstemming tussen scholen en zorginstellingen loopt niet altijd optimaal. Om maar een simpel voorbeeld te noemen: als de school de leerlingen een dagje vrij geeft voor een studiedag of - langer - voor de schoolvakanties, dan legt dit druk op de zorgverleners, die diezelfde kinderen ook onder hun hoede hebben. Daar is nog een hoop te winnen.
De gemeenten vragen in hun brief om instemmingsrecht met de zorgplannen voor de scholen. Zo doe je dat in stelseldiscussies. Maar ik hoop voor de kinderen dat gemeenten meer doen, namelijk ook vinger aan de pols houden hoe die plannen worden uitgevoerd. Nee, fout: ook dit is stelseltaal.
Mijn advies aan de gemeente is: draai het om. Gemeenten willen verantwoordelijkheid nemen. Prima: doe dat niet voor de plannen, maar voor de inwoners. Monitor of de kinderen krijgen wat zij nodig hebben aan passend onderwijs en andere zorg. De hulpverleners en leerkrachten weten vanuit hun praktijk dat dit in Nederland ondanks of dankzij allerlei stelselwijzigingen nog steeds een grote uitdaging is. Plannen maken, is veel makkelijker, dat geldt zelfs voor het afstemmen van plannen.