Het is zaterdag. Ik ben op de markt in Apeldoorn om groente en fruit te kopen. Ik krijg een half pond kersen voor mijn zieke echtgenote mee. “Als ik wist dat het zou helpen, kreeg je 5 kilo van mij. Maar die zou je dan ook willen betalen, neem ik aan”, voegt mijn groenteman aan de kersen toe.
Op weg naar mijn auto schiet mij een klassiek economisch begrip door mijn hoofd: ‘willingness to pay’. Waarom wil ik voor iets betalen? Als het in mijn behoefte voorziet, als het waarde voor mij heeft, zo staat in de economische leerboeken. Maar is dit wel altijd zo? Laten alle waarden zich in geld vertalen? Zijn alle waarden te meten?
Dergelijke vragen kom ik ook in organisaties tegen. Veel organisaties zoeken en vinden hun (kern)waarden. Ik wil er vergif op innemen, dat de volgende stap in veel organisaties is die waarden meetbaar te maken. Zou dat helpen?
// Onbetaalbare stille waarden //
De dinsdag daarop sla ik het Dagblad Trouw open. In zijn wekelijkse column vraagt ds. Suurmond aandacht voor wat hij noemt de stille waarden in zorgorganisaties: aandacht, respect en vertrouwen. Deze stille waarden doen mij denken aan de presentie-benadering van Andries Baart. Dergelijke waarden gaan zelden of nooit vergezeld van prestatie-indicatoren. Laat staan dat zij in geld zijn te vertalen. Voor zorgorganisaties zijn ze desalniettemin heel waardevol.
Onmeetbaar zegt dus niets over de waarde. Stille waarden van organisaties zijn waardevol en onbetaalbaar. Jammer voor mijn financiële collega’s, van belang voor mijn interim-collega’s.