Gemeentelijk grondbeleid op de schop

Door: Harry Gerritsen, 13 december 2011

Veel gemeenten hebben in hun Nota Grondbeleid de voorkeur voor actief grondbeleid of actieve grondpolitiek neergelegd. Ik heb de afgelopen jaren mijn kanttekeningen geplaatst bij die keuze in het licht van de invoering van de Wet ruimtelijke ordening (Wro). Bij lezingen en trainingen over het verbeterde instrumentarium van de Wro heb ik telkens de vraag gesteld waarom die keuze was gemaakt. "Vanwege de opbrengstpotentie", was dan altijd het antwoord. "Maar de risico's dan die uw gemeente loopt?", bracht ik daar altijd weer tegenin. Nu we in de praktijk zien dat die risico's niet illusoir zijn, is het de hoogste tijd om na te denken over 'nieuw' grondbeleid. Hieronder een vluchtige verkenning van bestaande en eventueel nieuwe mogelijkheden, met name op het gebied van kostenverhaal.

Het huidige kostenverhaal
Een prima overzicht van het hele stelsel van kostenverhaal binnen grondexploitaties - voor zover u dat niet zou hebben - vindt u in het rapport "Financieringsmiddelen uit gebiedsontwikkeling en bestemmingswijzigingen". Dat stelsel voor kostenverhaal wordt echter nog te weinig ingezet door gemeenten. En dat is jammer, want het is een prima ondersteuning voor meer facilitair grondbeleid.

Nu ken ik de bezwaren uit de gemeentelijke praktijk, namelijk dat het omslachtig is, dat het multidisciplinaire samenwerking vereist en vooral ook dat tekort schiet in een aantal situaties. Dat geldt met name bij herstructureringen en binnenstedelijke ontwikkelingen waarbij de kosten de opbrengsten vaak overstijgen. Vandaar dat in het eerdergenoemde rapport een verkenning is gedaan naar een verruiming van het instrumentarium, bijvoorbeeld in de vorm van 'planbatenheffing'. Maar er wordt momenteel ook gezocht naar andere mogelijkheden.

// Nieuwe mogelijkheden voor grondbeleid en kostenverhaal zijn dringend gewenst //

Nieuwe mogelijkheden
Actieve grondpolitiek kan geen automatisme meer zijn. Maar eerst moeten gemeenten én ontwikkelaars hun verlies nemen op grondposities die de afgelopen jaren zijn ingenomen. En gemeenten zouden zich alleen met de hoofdlijnen van een ontwikkeling moeten bemoeien  en de details aan de markt overlaten.
Daarnaast wordt er hard nagedacht over nieuwe financierings- en ontwikkelmogelijkheden. Ik hoor steeds vaker de termen 'stedelijke herverkaveling' en 'Tax Increment Financing'. Bij dat eerste kunt u zichzelf misschien nog iets voorstellen, dat tweede is dat een ontwikkeling door een gemeente wordt gefinancierd door een voorschot te nemen op nog te ontvangen belastingen. Waalfront in Nijmegen wordt op die manier gefinancierd en ik ben benieuwd of er nog meer voorbeelden volgen. 

Is er nog toekomst voor grondbeleid?
Optimistisch als ik altijd ben, enig realisme is mij ook niet helemaal vreemd. Het gemeentelijke grondbeleid moet veranderen. De markt is immers ook veranderd. En het is niet meer de tijd om als gemeente al te grote risico's te nemen. Bepaal de kaders en laat het bouwen over aan de ontwikkelaars. Zij zorgen heus wel voor een marktgericht aanbod en een optimalisatie binnen de locatie- of gebiedsontwikkeling.

Smeed strategische coalities met marktpartijen, maar ook met mede-overheden. Kijk naar een intergemeentelijke of misschien wel regionale afstemming van programma's. Overaanbod is in ieder geval niet goed voor de grondprijzen en dus de verdiencapaciteit van gemeenten. Ga residueel rekenen, want de grond is waard wat deze waard is. Dat kan niet meer uitsluitend worden gebaseerd op de optelsom van onder meer verwervings-, plan- en kosten voor bouw- en woonrijpmaken.

Er is naar mijn mening wel degelijk ruimte voor gemeentelijk grondbeleid, maar dat moet wel nodig op de schop…



Harry Gerritsen | 19 december 2011 - Voor mij betekent "nieuw grondbeleid" dat er niet automatisch een keuze gemaakt zou moeten worden voor actieve grondpolitiek, maar wel per situatie een beredeneerde keuze. In veel grondbeleidnota's staat nog steeds "de gemeente kiest voor actieve grondpolitiek" zelfs na 2008, zonder verdere grondslag of nuance. En de praktijk kent natuurlijk ook meer smaken dan een papieren statement. Ik betoog dus niet dat ik tegen actief grondbelid ben.
ir Jeroen Hutten MCD | 15 december 2011 - Ik ben het helemaal eens dat het anders moet op de grondmarkt. Momenteel balanceert deze discussie echter tussen afboeken (en daar zitten ook grenzen aan, die afboekingen lopen immers via de winst- en verliesrekening) en nieuwe vormen van samenwerking die eigenlijk geen wezenlijke verandering in het systeem. Als laatste komt ook de ontkoppeling tussen grondbezit en ontwikkelrecht in deze tijden om de hoek kijken, ook dat is voor menig marktpartij de doodsteek. Wat mij betreft mogen we daarom best zoeken naar creatievere (radicalere) ingrepen in de grondmarkt. een aanzet... Het grondsysteem is met name door de verwachtingswaarde in onbalans is geraakt. Deze verwachtingswaarde is immers niet prijselastisch en kan dalende vastgoedprijzen niet volgen. In dit artikel ( http://www.nlbw.net/blog/2011/11/30/naar-een-nieuwe-grondhouding/ ) een voorstel voor een drastisch andere denkrichting, die het zelfrealisatiebeginsel handhaaft, maar de perverse prikkel van de verwachtingswaarde elimineert. Waarom nu? De (speculatieve) grondhandel ligt zo goed als stil, geen beter moment om het grondsysteem te hervormen. link: http://www.nlbw.net/blog/2011/11/30/naar-een-nieuwe-grondhouding/
Loek van der Heijden | 14 december 2011 - Harry, op zich kan ik jouw gedachte volgen maar ik denk dat ontwikkelaars ook een duit in de zak moeten doen wanneer het gaat over risico aangaan en rendementseisen. Ik ben zelf geen voorstander van residueel rekenen. Dit kan alleen wanneer ontwikkelaars openheid van zaken geven in haar kosten. Dit laatste is over het algemeen een probleem.
Edward van den Bogaart | 13 december 2011 - Ben het eens met je analyse. Gemeenten zijn echter nog steeds veel te veel intern gericht en met de spreekwoordelijke oogkleppen op vanuit de gedachte dat de uitgifte van grond een mooie melkkoe is. Helaas is de gifbeker voor vele gemeenten nog steeds niet leeggedronken (lees; afschrijven op grond). Een belangrijk handvat voor gemeenten: de reiswijzer gebiedsontwikkeling adviseert ook de markt aan de markt te laten en als gemeente bij je (publieke) kerntaak te blijven. Wederom helaas signaleer ik dat het afwerpen van de oogkleppen iets is waarin bestuurders en managers het af laten weten. Zij zouden hier m.i. veel meer de lead in kunnen en moeten nemen.


Reageer

Naam :
Email :
Vul hieronder de verificatiecode in :

Reactie:
 

Harry Gerritsen